Soms kan ik ook overdrijven met zeilen.
Privé heb ik begin november een catamaran gekocht in Duitsland, in Bremen. Een grote zeewaardige catamaran. De vorige eigenaar moest er nog wat aan herstellen zodat ik pas op 27 november kon vertrekken voor de tocht van 300 zeemijl naar Hoorn. En dat werden lange mijlen...
We (vriendin en ex-maat Els was ook mee) vertrokken uit Bremerhaven met een voorspelling van Zuidzuidwesten wind, kracht 5 tot 6. Helaas werd dit 8 met vlagen van 9 terwijl we in de beruchte Duitse Bocht zaten. De catamaran Mirzwee deed het prima, ze stampte er dapper tegenin met dubbel gereefd grootzeil. Toen we de fok iets wilden inrollen klapperde de UV-bescherming eraf. We hebben hem nog een tijdje laten staan, maar konden niet meer overstag. Daarom motorzeilend kruisend tegen de storm in.
In het Dovetief bij Norderney kregen we een motor alarm: de gereviseerde motor werd te heet. We zaten niet lekker met die wind in een smalle geul met aan verschillende kanten brekers. Gelukkig dreven we de goede kant uit. Ankeren was niet direct nodig. Wel enige hulp, en via 112 konden we de Seenotrettungskreuzer Bernard Gruben oproepen. Deze sleepte ons netjes binnen in de haven van Norderney.
Twee dagen repareren! Koud, stromachtig en nat weer. Vanwege de fok besloten we binnendoor te gaan, over de Waddenzee en via Groningen en Friesland. Els moest zaterdag ook weer terug naar Amsterdam. Toen ik Els in Delfzijl had afgezet hoorde ik echter dat de brug in Groningen twee weken gestremd was. Kon ik weer terug naar het wad.
Door de Zuidenwind (5) was er een verlaging van 65 centimeter op het wad. Daardoor, en door een verschoven vaargeul kwam ik niet over het wantij bij Uithuizermeden. Dan maar dwars en overzee naar Vlieland. En toen kreeg de Mirzwee vleugeltjes. Met gemiddeld 8,5 knopen vloog ik tot boven Terschelling. Het schip liep prachtig en surfte soms met 12 knopen van de golven. Later draaide de wind naar Zuidwest en nam toe tot 7. Bij het begin van het Stortemelk, de geul naar Vlieland en Terschelling wilde ik aftuigen. Bij een controle van de motoren bleek dat van beide motoren een motorsteun was afgebroken. Pech pech pech. Alles hing nu op een steun en het manchet van de saildrive. Als dat zou scheuren was ik ernstig lek. Ik kon eigenlijk niet anders dan de KNRM oproepen en assistentie vragen. Balen natuurlijk, en mijn ego een hele grote deuk.
De 'Graaf van Byland' sleepte me tot voor de haven van Vlieland en lichtte mij bij terwijl ikzelf naar binnen voer. Daar de motorsteunen vervangen en de rest op de motor naar huis gevaren. De hele reis was winderig, regen in bakken en koud, een graad of 4.
Een machtig schip, maar ik wacht nu liever met zeilen tot wat mooier weer.
|